Richard; “Ik dacht dat ik haar gewoon moest liefhebben als mijn eigen kind. Pas later begreep ik dat bonusvaderschap echt iets anders is.”

Jong, nieuwsgierig en er vol in

Richard is 26 als hij zijn vrouw leert kennen. Zij is 23 en heeft al een dochter van twee. Voor veel mannen misschien een reden om afstand te houden, maar voor hem niet. “Ik vond het juist iets moois hebben. Ik was nieuwsgierig naar hoe dat zou zijn. Het zorgende zat altijd al in mij.” Het onderwerp komt al snel op tafel. Niet omdat het moet, maar omdat het er gewoon is. “Je voelt meteen: dit is geen standaard situatie. Dus je gaat daar ook vragen over stellen. Hoe zit het met haar ex? Waar stap ik in? Wat betekent dit als het serieus wordt? ”Toch overheerst iets anders: interesse. Openheid. En misschien ook wel een soort vanzelfsprekendheid. “Ik dacht eigenlijk vooral: we gaan het gewoon zien.”

Langzaam het gezin in groeien

De eerste periode draait om elkaar leren kennen. Pas later ontmoet hij haar dochter. En vanaf dat moment begint iets wat hij zelf omschrijft als “het systeem instappen”.
“In het begin ben je gewoon iemand die er is. Je speelt mee, je doet mee, je bent een soort maatje.” Maar dat verandert sneller dan je denkt. “Een kind kijkt naar je, neemt dingen over. Je hebt invloed, ook al ben je daar niet bewust mee bezig. Je bent niet alleen de partner van de moeder. Je vormt mee.”
Binnen een jaar wonen ze samen. Het was niet perfect gepland, maar omdat het leven zo liep. “Ik dacht er niet heel moeilijk over na. Ik voelde gewoon: ik ben er, dus ik doe mee. Zorgen, helpen, aanwezig zijn. Dat ging heel natuurlijk.”

Veel geven, zonder echte plek

Wat hij toen nog niet scherp had, voelt hij later pas echt: je doet alles mee, maar je hebt nergens echt een formele plek. “Je bent geen ouder op papier. Geen voogd. Maar je staat wel midden in dat gezin. Je geeft tijd, aandacht, liefde. Je draagt mee. Alleen die positie wordt niet altijd zo erkend.”
Dat verschil wordt pas echt zichtbaar als hij zelf vader wordt. “Met je eigen kind neem je samen beslissingen. Daar sta je automatisch in die rol. Bij mijn bonusdochter voelde dat anders, terwijl ik haar wel met dezelfde liefde behandelde.”
En juist daar zit de verwarring. “Je geeft heel veel. Maar de vanzelfsprekendheid van wat je terugkrijgt, of hoe jouw rol gezien wordt, is anders. En dat besef komt vaak pas later.”

Ik deed alsof ze mijn eigen kind was
In het begin heeft Richard één duidelijke overtuiging: gewoon behandelen als je eigen kind. “Dat voelde voor mij als de juiste manier. Gewoon vol liefde erin. Niet ingewikkeld doen.” En dat doet hij ook. Hij zorgt, speelt, is er.
Maar naarmate de jaren verstrijken, kijkt hij daar anders naar. Niet omdat het fout was, maar omdat het niet compleet is. “Bonusouderschap heeft een eigen dynamiek. Dat is niet hetzelfde als een eigen kind. Dat leer je pas echt als een kind ouder wordt.” Zeker in de puberteit verandert er veel. “Dan komen er andere lagen bij. Loyaliteit, afstand, afzetten. En dan voel je ineens: ik heb hier een andere plek.”

Het is geen afwijzing van mij
Een van de grootste lessen komt juist in die fases waarin het schuurt. “Er zijn momenten geweest dat ik dacht: waarom reageert ze zo? Waarom die afstand?” Zeker omdat hij zo betrokken is, kan dat raken.
Maar inmiddels kijkt hij daar anders naar. “Mijn grootste les is dat het geen afwijzing van mij is. Het hoort bij het systeem waar zij uitkomt. Bij haar leeftijd, bij haar loyaliteit, bij haar proces.”
Dat inzicht brengt rust. “Je hoeft niet alles persoonlijk te maken. Dat betekent niet dat het je niets doet. Maar wel dat je het beter kunt plaatsen.”

Zien wat er niet klopt, maar niet kunnen sturen

Wat Richard ook herkent, en waar veel bonusouders zich in zullen herkennen, is dit: je ziet dingen, voelt dingen, maar je bent niet degene die beslist. “Ik was vaak degene die dacht: dit moet besproken worden met de ex. Of: dit klopt niet helemaal.” Hij sprak zijn vrouw daar ook op aan. Voor hem was dat niet vanuit controle, maar vanuit betrokkenheid.

“Alleen, uiteindelijk ben jij niet degene die dat gesprek voert. Dat hoort bij je partner en haar ex.”En daar zit de frustratie. “Je zit er middenin, maar je hebt niet de regie. En als anderen zeggen: laat maar, het is goed zo… dan moet jij daar iets mee.”

Blijven duwen of leren loslaten
Lang probeert hij dingen te veranderen. Te sturen. Te verbeteren. Tot hij merkt dat dat niet altijd werkt.
“Ik bleef mijn hoofd stoten. Totdat je op een punt komt dat je denkt: oké, ik kan hier blijven duwen… of ik laat het los.”
Dat loslaten is geen onverschilligheid. Het is een keuze. “Je accepteert dat niet alles van jou is. Dat je niet overal invloed op hebt. En dat het oké is dat iets er is, zonder dat jij het oplost.”
Die shift maakt het lichter. “Je blijft betrokken, maar je verliest jezelf er niet meer in.”

Twee werelden onder één dak
Als er later nog twee kinderen bijkomen, verandert de dynamiek opnieuw. Ineens zijn er verschillende lijnen in één gezin. “Je hebt een kind dat in twee huizen leeft, en kinderen die dat niet kennen. Dat brengt automatisch verschillen met zich mee.” In opvoeding, in beleving, in verwachtingen.
Volgens Richard zit de uitdaging niet per se in die verschillen, maar in hoe we ermee omgaan. “In samengestelde gezinnen wordt er snel vergeleken. Wie krijgt wat, wie mag wat. Terwijl het leven niet altijd eerlijk verdeeld is.”
Hij ziet ook de andere kant. “Er wordt vaak gedacht dat bonuskinderen iets tekortkomen. Maar ze krijgen soms juist ook veel. Meerdere vakanties, verschillende werelden, extra ervaringen. Het is niet alleen maar negatief.”

Eerder vader dan verwacht

Als hij terugkijkt, overheerst geen spijt. Integendeel.
“Ik ben veel eerder in die vaderrol gegroeid dan wanneer ik een kerngezin had gehad. En dat vond ik juist heel mooi.” De tijd met z’n drieën, de eerste jaren samen, het opbouwen… het zijn herinneringen die hij niet had willen missen.
“Het heeft me gevormd. Als man, als partner, als vader.”

Dit is geen kerngezin

Als hij één ding mag meegeven aan mannen die een vrouw met kinderen daten, is het dit:
“Besef dat je in een ander systeem stapt. Dit is geen kerngezin. En daar is ook weinig kennis over.” Volgens hem zit daar precies de sleutel. “Als je begrijpt dat het anders werkt, ga je minder snel denken dat het aan jou ligt. Dan kun je veel meer ontspannen in je rol.”

Zijn grootste les

Als afsluiter hoeft hij niet lang na te denken.
“Mijn grootste les is dat het verschil er mag zijn. Dat ik niet alles hoef op te lossen. En dat iets anders voelen, niet betekent dat het fout is.”

Hij glimlacht. “Soms is het gewoon wat het is. En daar vrede mee krijgen… dat maakt alles een stuk lichter.”

Heb jij ook een samengesteld gezin en wil je jouw verhaal delen voor IKENZNKIDS?
Stuur een bericht via Instagram of mail naar nienke@ikenznkids.nl we horen graag van je.

Volgende
Volgende

Suzanne; “Ik ben iedere dag dankbaar dat ik voor haar kinderen mag zorgen”